De Britse regering verklaarde dinsdag (14 juli 2026) dat de ondertekening van de overeenkomst met de Europese Unie (EU) over de status van Gibraltar na de brexit „zekerheid biedt aan de burgers en bedrijven“ van de Rots, die sinds 1713 onder Britse soevereiniteit valt.
De staatssecretaris voor Europa, Noord-Amerika en de overzeese gebieden, Stephen Doughty, verklaarde in een mededeling dat de overeenkomst „de Britse soevereiniteit“ en de militaire installaties aldaar „beschermt“ en bovendien „de volledige steun van de regering en het parlement van Gibraltar“ geniet.
„Gibraltar stond vanaf het begin centraal in deze onderhandelingen. Als gewaardeerd onderdeel van de Britse familie hingen de economische toekomst van Gibraltar en duizenden banen af van het vinden van een haalbare oplossing voor de uitdagingen die de Brexit met zich meebracht“, verklaarde hij.
Doughty benadrukte dat de steun van het Verenigd Koninkrijk voor zijn „overzeese gebied“ „nog steeds zo solide is als de rots zelf“.
„Deze overeenkomst luidt een nieuw hoofdstuk in met de EU en Spanje en bevordert werkgelegenheid, groei en welvaart aan beide zijden van de grens“, voegde hij eraan toe.
Het verdrag over Gibraltar, dat dinsdag door de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk werd ondertekend, betekent de afbraak van het hek dat de Britse kolonie van het Spaanse grondgebied scheidde, en legt de nieuwe status van de enclave na de brexit vast.
Doughty ondertekende de historische overeenkomst samen met EU-commissaris voor Handel Maroš Šefčovič op het hoofdkantoor van de Europese Commissie in Brussel, in aanwezigheid van de Spaanse minister van Buitenlandse Zaken, Europese Unie en Samenwerking, José Manuel Albares, en de premier van Gibraltar, Fabian Picardo.
De ondertekening van het document is de laatste officiële stap vóór de voorlopige inwerkingtreding ervan op 15 juli, in afwachting van de ratificatie door het Europees Parlement – naar verwachting in december – en het Britse parlement.
Bron: persbureaus




